Onderzoek Sou Menina e Mãe

Jonge moeders in favela’s

In 2010 deed IBISS een inventariserend onderzoek in ruim 100 favela’s. Het schokkende resultaat:

  • 157 meisjes tussen 8 en 16 fungeren als “vrouw” van een drugsbaas
  • 382 meisjes tussen 8 en 16 fungeren als “mina” van een soldado
  • 91 meisjes tussen 12 en 16 zijn zwanger van een drugsbaas
  • 143 meisjes tussen 10 en 16 zijn zwanger van een soldado
  • 464 meisjes tussen 10 en 16 zijn zwanger van een “playboy”
  • 69 meisjes tussen 12 en 16 hebben een kindje/baby van een drugsbaas
  • 159 meisjes tussen 12 en 16 hebben een kindje/baby van een soldado
  • 242 meisjes tussen 12 en 16 hebben een kindje/baby van een “playboy”

Oorzaken jonge moederschap in favela’s

1. Meisjes als bezit

De laatste jaren wordt IBISS binnen haar werk in de favela´s meer en meer geconfronteerd met de zeer vroegtijdige zwangerschappen .

Jonge meisjes uit de favela’s, de mínas, oftewel ‘mooie maagden’, worden als het bezit van drugsbazen beschouwd. Het betreft hier meisjes tussen de 10 en 14 jaar oud. Wanneer deze meisjes zwanger raken, schaft de drugsbaas ze af (er wordt niet meer naar hen omgekeken).

Wanneer de meisjes door de drugsbazen “opgeëist” zijn en ongewild zwanger raken (worden verkracht), willen ze het kind na de geboorte vaak niet accepteren, vooral niet als het kindje op de verkrachter lijkt. De moeder van het meisje is min of meer gedwongen om de zorg voor het kind op zich te nemen. Het kind wordt niet openlijk verwaarloosd (omdat ze daarmee de drugsbaas zouden kunnen irriteren), maar het wordt zeker niet liefdevol behandeld. De woede naar de verkrachter wordt vaak afgereageerd op het kindje.

In vele gevallen biedt een meisje zich vrijwillig aan de drugsbaas aan: het vriendinnetje van de drugsbaas zijn schijnt de meisjes status binnen de wijk te verschaffen.
Wanneer meisjes zelf voor een relatie met een drugsbaas hebben gekozen en een kind van hem gekregen hebben, showen ze dit kind in de wijk. Maar, als een drugsbaas ze afschaft en dit showen verbiedt, richten ook zij hun woede/frustratie vanwege de afwijzing vaak op het kindje.

In hun streven ooit eens een grote drugsbaas te worden en vanuit het idee hun status kracht bij te zetten, imiteren de soldados de drugsbazen in de omgang met zeer jonge meisjes. Het aantal meisjes dat slachtoffer wordt van seksuele uitbuiting en seksueel geweld neemt hand over hand toe. Het aantal ongewenste zwangerschappen en niet geaccepteerde baby’s ook.

2. Vroegtijdige zwangerschap en verstoting

Binnen de favela’s van Rio de Janeiro wordt IBISS steeds vaker geconfronteerd met het fenomeen afgestoten baby’s. Ex-mínas kunnen/willen een baby niet accepteren, omdat deze te veel op z’n vader (iemand, die haar verkracht, uitgebuit en mishandeld heeft) lijkt. De jonge moeders bieden deze baby’s en/of jonge kinderen aan IBISS-medewerkers aan met de woorden: “Deze kan je hebben voor adoptie”. Ook de Raad van Kinderbescherming en Bureau Kinderrechter worden steeds vaker geconfronteerd met dit soort jonge moeders, die hun kind afstoten, op straat achterlaten, in ziekenhuizen achterlaten of in tehuizen of te adoptie aanbieden.

3. Bailes Funk
Helaas raken niet alleen de minas vroegtijdig zwanger. In de favela´s neemt de vroegtijdige zwangerschap onder meisjes tussen 10 en 15 jaar de laatste jaren ook enorm toe vanwege de zogenaamde “Bailes Funk” . Dit zijn enorme feesten in de favela´s, waar sensueel gedanst wordt op muziek met extreem seksuele teksten.. De jonge meiden dringen zich daar vaak op aan de zogenaamde “playboys”: jongens die merkkleding dragen en iets te verteren hebben. In ruil voor seks proberen de meiden mooie kleren en dergelijke van de jongens te bemachtigen. Buiten deze ‘ruil’ vindt er op weg naar huis ook vaak ongewilde seks (verkrachting) plaats. Veel jonge meiden worden daarbij ongewild vroegtijdig zwanger.

Vaak weten de jonge meiden niet van wie ze zwanger zijn en als ze het al denken te weten, willen de “playboys” het vaderschap in vrijwel geen geval erkennen. De jonge moeders willen het kind na de geboorte vaak niet accepteren. De moeder van het meisje is daarom min of meer gedwongen de zorg voor het kind op zich te nemen. Als de moeder dat niet kan of niet wil (of wanneer er überhaupt geen moeder is) bieden de jonge moeders hun baby´s – net als de ex-mínas vaak doen – aan IBISS-medewerkers ter adoptie aan. Ook de Raad van Kinderbescherming en Bureau Kinderrechter worden steeds vaker geconfronteerd met dit soort jonge moeders, die hun kind afstoten, op straat achterlaten, in ziekenhuizen achterlaten of in tehuizen of te adoptie aanbieden.

Soms lijkt het er echter op dat jonge meisjes uit favela’s het stoer vinden om zwanger te zijn en moeder te worden. De favela-bevolking behandelt ze dan namelijk niet meer als kind, maar als vrouw. In deze gevallen betreft het dus gewilde zwangerschappen van de zijde van het meisje, maar deze meiden ontvangen vaak geen enkele steun gedurende de zwangerschap en zijn daarna alleen verantwoordelijk voor het grootbrengen van hun kind, iets waar ze niet op voorbereid zijn.

Ook de medewerkers van de verschillende medische voor-posten binnen de meest gewelddadige en sociaal uitgesloten favela’s hebben IBISS attent gemaakt op deze zorgwekkende ontwikkeling die verwaarlozing en mishandeling inhoudt van zeer jonge kinderen. Ook zij worden vaker en vaker geconfronteerd met zeer vroegtijdige zwangerschappen waarbij prenatale zorg gebrekkig of niet opgevolgd wordt.

© Stichting IBISS Foundation | website: GravyTrain | webdesign: Fred Opdam